8 september 2011 - Dvhn
Allereerst dit: met The Beatles heeft het Noord Nederlands Orkest een dijk van een programma in huis. Arrangeur Tom Trapp, door dirigent Hans Leenders omschreven ‘als onze eigen George Martin’ heeft prachtige orkestbewerkingen gemaakt van 26 hits van de beste popband aller tijden. Bij veel liedjes voegen zijn orkestraties echt wat toe aan het origineel en Trapps versie van A Day in the Life is zelfs ronduit spectaculair.
Onder de gedreven leiding van Leenders speelde het orkest de Beatles-songs met groot enthousiasme, waarbij de musici in sommige liedjes eveneens overtuigend als achtergrondkoor en handenklappers. Ook met de presentatie was niet veel mis: de opbouw van het programma deugde (met Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band als spetterend begin en Hey Jude als de logische toegift, waarbij het publiek uit volle borst kon meezingen), er was voldoende interactie met het publiek en de belichting was sfeervol.
Maar dan de zangers: het NNO heeft voor The Beatles Chris Zegers en de broers Jim en Marcel de Groot ingehuurd. Dat pakte op de première-avond op zijn zachts gezegd ongelukkig uit. Publiekstrekker Zegers, die eerder al bij de Pink Floyd-concerten van het NNO meezong, hield zich – mede dankzij zijn uitstraling en presentatie – nog redelijk staande. Hij wist zijn zang grotendeels zuiver te houden en zijn favoriete nummer Helter Skelter zong Zegers lekker ruig en smerig. Maar om nou te zeggen dat hij een mooie stem heeft die goed past bij het Beatles-repertoire, nee.
Voor Marcel en Jim de Groot zijn The Beatles letterlijk te hoog gegrepen. Los van de nogal knullige podiumpresentatie is hun stembereik domweg niet groot genoeg, waardoor ze vaak enorm moesten forceren. Het gevolg was aarzelende, weinig overtuigende en soms zelfs ronduit valse zangpartijen. Nog kwalijker waren het gestuntel met de teksten en de slordige inzetten, want dat zijn zaken die je hoort in te studeren. Het leek wel, vooral voor de pauze, alsof de zonen van Boudewijn de Groot verlamd waren door de zenuwen.
Natuurlijk ging er ook wel wat goed bij de broers De Groot – bij Come together en Lady Madonna vormde Jims rauwe, Randy Newman-achtige stem zelfs een aangename verrijking – maar over het geheel genomen was het veel te weinig. En dat was doodzonde, want met goede zangers is The Beatles een programma waarmee het NNO overal in Nederland (en misschien ook wel daarbuiten) goede sier kan maken.
Job van Schaik


