3 januari 2012
Wie had er niet bij willen zijn, bij die befaamde avonden in Weense woningen en koffiehuizen waar de fine fleur van muzikaal Wenen de eer had om Schuberts nieuwste scheppingen te mogen beluisteren. Er werd gemusiceerd, gedebatteerd, poëzie voorgedragen, gedronken, gedanst. Op vele plekken in de wereld worden nog altijd Schubertiades georganiseerd; door professionals en amateurs, tussen de schuifdeuren en op de grote podia. In maart 2012 biedt het NNO u de unieke kans om een Schubertiade bij te wonen en wat voor één! Zelfs meer dan een week lang, als u wilt.
Met het Schubert Festival wordt een vervolg gegeven op de buitengewoon succesvolle festivals rond Beethoven en Mozart in de afgelopen twee seizoenen. Gezien de overweldigende publieke opkomst, mag duidelijk zijn dat er behoefte is aan de verdiepingsslag die met een componistenfestival feitelijk wordt gemaakt.
Over het succes van de componistenfestivals zegt artistiek manager/programmeur Marcel Mandos: “Er is wat dat betreft wel wat veranderd door de jaren heen. Vroeger stelde je als symfonieorkest series bijvoorbeeld samen rond een thema. ‘Zon en zee in de Romantiek’ of ‘In de schaduw van Wagner’; ik noem maar iets. Je zocht naar een aan de muziek gelieerde rode draad - wat best spannend was, daar niet van - om je aanbod aantrekkelijk verpakt te presenteren en om het publiek een handje te helpen bij het maken van een keuze. Maar het publiek van nu laat zich niet meer verleiden door zulke conceptuele pakketten; men kiest gewoon wat men horen wil. Bij het NNO hebben we deze verschuiving al lang geleden gesignaleerd en bieden daarom een gedifferentieerd seizoenprogramma voor een breed publiek. Natuurlijk zit er een artistieke lijn in, maar die zoeken we vooral binnen het muzikale kader zelf. Een festival rond één componist - bij het NNO jaarlijks rond een hedendaagse en een oude meester - past perfect binnen onze visie op programmeren. Wij staan voor verbreding en verdieping tegelijk. En inderdaad, ons publiek weet dat zeer te waarderen.”
Om rond één componist echt de diepte in te kunnen gaan, zijn de mogelijkheden van het symfonieorkest gelimiteerd. Marcel Mandos: “We kunnen veel, maar het klopt, symfonisch repertoire blijft de hoofdmoot. Juist door met andere partijen samen te werken, in dit geval de Oosterpoort en Musica Antiqua Nova, kunnen ook andere facetten van de componist over het voetlicht worden gebracht. Zo boden de festivals rond Beethoven en Mozart ruimte voor verschillende interpretaties en uitvoeringspraktijken en draait het bij Schubert om de veelzijdigheid van zijn oeuvre. Zijn grote symfonieën komen aan bod, zijn kamermuziek in uiteenlopende bezettingen, zijn pianosonates en bovenal natuurlijk zijn liederen. En zoals het bij een echte Schubertiade om meer gaat dan musiceren alleen, omvat het festivalprogramma ook een film in Forumimages, een debat en een zangcontest.”
Waarom is dit jaar gekozen voor Schubert? “Wat Schubert in ieder geval gemeen heeft met Mozart en Beethoven, is dat hij een grote vernieuwer is. Daarmee is al één van de criteria voor ons componistenfestival benoemd. Hij behoort tot de grote meesters van de klassieke periode en dat mag nog wel eens extra worden benadrukt. Als symfonicus staat hij qua waardering soms in de schaduw van Mozart en Beethoven, maar dat is wat mij betreft geheel onterecht. Er is niemand die zulke mooie melodieën schreef als hij. Je kunt gerust stellen dat hij de brug heeft geslagen tussen Mozart en Beethoven. Waar zijn vroege werk nog op klassieke leest was geschoeid, groeide hij in zijn korte leven - hij werd maar 31 jaar - uit tot pater familias van de toen aankomende Romantiek.”
Kun je uitleggen waarom Schubert deze overgang van de ene naar de andere stijlperiode heeft kunnen inleiden? “Daar zijn boeken over vol geschreven en in de Festivalkrant die nog zal verschijnen, zullen we er zeker dieper op ingaan. Maar goed om te beseffen is dat hij uit een arm gezin kwam, tamelijk in zichzelf gekeerd, ziekelijk en depressief was en ook nog eens een complex liefdesleven had. Hij was beslist geen man van de wereld, hij is Wenen zelfs vrijwel nooit uit geweest. Arm geboren en arm gebleven, dat is eigenlijk zijn verhaal. Enig gevoel voor commercie had hij niet. Gelukkig had hij zijn vrienden die zijn werk prezen en hem financieel uit de brand hielpen. Hij schreef vooral voor hen en de muziekavondjes. Rijke opdrachtgevers had en zocht hij niet. Dat is treurig aan de ene kant, maar het bood hem wel vrijheid. Hij kon autonoom componeren, zijn geest volledig de vrije loop laten. En dat verklaart waarom hij zich van de klassieke compositieopvattingen kon losmaken. Nooit eerder had een componist het aangedurfd om zijn persoonlijke gevoelsleven zo openlijk te verklanken. Hij deed dat wel en bovendien zo melodieus en zo kleurrijk en effectvol georkestreerd, dat hij werkelijk de deur naar een nieuwe tijd wist te openen. De grote Beethoven erkende dat, getuige zijn uitspraak: Waarlijk, in Schubert woont een goddelijke vonk.”
Wat kun je over het festivalprogramma vertellen? “Het accent ligt op de liedcomponist, de melodicus en instrumentale architect die Schubert was. Veel liederen en kamermuziek dus. Samen met de Oosterpoort en Musica Antiqua Nova hebben we een prachtige selectie uit zijn omvangrijke oeuvre gemaakt en ensembles en solisten van topformaat gecontracteerd. Ons orkest voert, verdeeld over twee concerten, zijn Derde en zijn laatste twee symfonieën uit - de Achtste ‘Unvollendete’ en de Negende ‘Grote’ - en zijn Mis in As, samen met het Noord Nederlands Concert Koor. Natuurlijk staan wij ook uitgebreid stil bij Schuberts liederen. Hij schreef er zeker zeshonderd, wij voeren zes van de bekendste daarvan uit, georkestreerd voor symfonieorkest. We zijn er bijzonder trots dat de Oostenrijkse bariton Adrian Eröd ze komt vertolken. Hij is dé ster en publiekslieveling van de Wiener Staatsoper. We brengen zelfs een Nederlandse première, namelijk die van de bejubelde orkestratie die de Deense componist Karl Aage Rasmussen in 2006 maakte van de ballade ‘Der Taucher’. Het is een mooi uitgebalanceerd festivalprogramma waarmee we Schubert eren op de grootse wijze die hem toekomt.”








